Ga naar hoofdinhoud

Exodus 26 Uitleg - Gods Instructies voor de Tabernakel

Exodus 26 beschrijft Gods gedetailleerde instructies voor het bouwen van de tabernakel, de heilige tent waar God zou wonen te midden van Zijn volk. Het hoofdstuk toont Gods verlangen naar gemeenschap met Israël en de heiligheid die vereist is om Hem te naderen.

Inleiding tot Exodus 26

Exodus hoofdstuk 26 bevat Gods gedetailleerde instructies aan Mozes voor het bouwen van de tabernakel, de heilige tent die zou dienen als Gods woonplaats onder Zijn volk. Dit hoofdstuk toont ons Gods verlangen om nabij Zijn volk te zijn en de precieze manier waarop Hij wilde worden benaderd.

De heilige gordijnen van de tabernakel (vers 1-6)

God begint met instructies voor de binnengordijnen van de tabernakel. Deze moesten gemaakt worden van fijn getwirnd linnen in blauw, purper en karmozijn, met cherubs erin geweven. Het gebruik van kostbare materialen en de afbeeldingen van cherubs (engelen) benadrukten de heiligheid van deze plaats. De tien gordijnen moesten aan elkaar worden gekoppeld met gouden haken, wat symboliseert hoe alle onderdelen van Gods plan perfect samenkomen.

De tentbedekking (vers 7-14)

Over de fraaie binnengordijnen kwam een tweede laag van elf tentdoeken van geitenhaar. Deze dienden als bescherming tegen de elementen. Daaroverheen kwamen nog twee lagen: een van roodgeverfde ramsvellen en een van dolfijnhuiden (of zeekoeienhuiden). Deze lagen van bescherming laten zien hoe God zorgdraagt voor wat Hem heilig is.

De planken van de tabernakel (vers 15-30)

Lees Exodus 26 in de Bijbel

Lees de volledige tekst in de Statenvertaling, Herziene Statenvertaling, NBV21 of andere vertalingen.

Open Exodus 26

Verdiep u in Exodus 26

Meer weten over Exodus 26?

Stel uw vragen aan de BijbelAssistent en krijg uitgebreide antwoorden met verwijzingen naar de grondtalen en commentaren.

Stel een vraag over Exodus 26