Nieuwe Testament
Johannes
21 hoofdstukken
“Jezus is het vleesgeworden Woord van God -- wie in Hem gelooft, heeft eeuwig leven.”
Auteur
Johannes, de apostel ("de discipel die Jezus liefhad")
Periode
Geschreven ca. 85-95 n.Chr.
Thema's
Samenvatting
Het evangelie naar Johannes is heel anders dan de drie synoptische evangelien. Johannes, "de discipel die Jezus liefhad", schreef zijn evangelie met een uitgesproken theologisch doel: "opdat u gelooft dat Jezus de Christus is, de Zoon van God, en opdat u door te geloven het leven hebt in Zijn Naam." Het boek opent niet met een geboorteverhaal maar met een kosmische proloog: "In het begin was het Woord, en het Woord was bij God, en het Woord was God." Johannes presenteert zeven tekenen (wonderen) die onthullen wie Jezus is: water in wijn veranderen, de genezing van de blindgeborene, de opwekking van Lazarus, en andere. Daarbij horen zeven "Ik ben"-uitspraken: "Ik ben het Brood des levens, het Licht der wereld, de Deur, de Goede Herder, de Opstanding en het Leven, de Weg, de Waarheid en het Leven, de ware Wijnstok." De afscheidsgesprekken (hoofdstukken 13-17) bevatten Jezus' diepste onderwijs aan Zijn discipelen, inclusief het hogepriesterlijk gebed. Het lijdens- en opstandingsverhaal benadrukt Jezus' soevereiniteit: Hij legt Zijn leven vrijwillig af en neemt het weer op. Johannes is het evangelie van geloof en eeuwig leven.