Oude Testament
1 Samuël
31 hoofdstukken
“God kijkt niet naar het uiterlijk maar naar het hart, en kiest David als de man naar Zijn hart.”
Auteur
Samuel, Gad en Nathan (traditionele toeschrijving, vgl. 1 Kronieken 29:29)
Periode
Beschrijft de periode ca. 1100-1010 v.Chr.
Thema's
Samenvatting
Het eerste boek Samuel beschrijft de overgang van de richterentijd naar het koningschap in Israel. Het boek is vernoemd naar de profeet Samuel, de laatste richter, die door zijn moeder Hanna aan God was gewijd voordat hij geboren werd. Samuel groeit op in de tabernakel bij de priester Eli en wordt door God geroepen als profeet. Op verzoek van het volk, dat "een koning wil zoals de andere volken", zalft Samuel eerst Saul tot koning. Saul begint veelbelovend maar vervalt door ongehoorzaamheid en jaloezie. Het hart van het boek is het contrast tussen Saul, die door menselijke kwaliteiten was gekozen, en David, die God uitkiest "omdat de HEERE het hart aanziet." De beroemde strijd van David tegen Goliath, de diepe vriendschap tussen David en Jonathan, en de jarenlange vlucht van David voor de jaloerse Saul vormen het dramatische slot van het boek. 1 Samuel leert dat ware leiderschap voortkomt uit een hart dat op God gericht is, niet uit uiterlijke kracht of positie.