Nieuwe Testament

1 Thessalonicenzen

5 hoofdstukken

De wederkomst van Christus is onze levende hoop -- de doden in Christus zullen opstaan en wij zullen altijd bij de Heere zijn.

Auteur

Paulus, apostel (met Silvanus en Timotheus)

Periode

Geschreven ca. 50-51 n.Chr., vanuit Korinthe.

Thema's

Hoop op de wederkomstGeloof onder vervolgingHeilig levenTroost over de dodenDankbaarheid en gebed

Samenvatting

De eerste brief aan de Thessalonicenzen is waarschijnlijk de oudste brief van Paulus en daarmee een van de vroegste geschriften van het Nieuwe Testament. Paulus had de gemeente in Thessalonika gesticht tijdens zijn tweede zendingsreis, maar was na slechts een paar weken verdreven door vervolging. Bezorgd over de jonge gemeente stuurde hij Timotheus om hen te bemoedigen. Het goede bericht van Timotheus over hun geloof, hoop en liefde vervult Paulus met dankbaarheid en vreugde. In de eerste drie hoofdstukken blikt hij terug op zijn verblijf in Thessalonika en zijn verlangen om hen terug te zien. Het is een warm en persoonlijk gedeelte dat laat zien hoezeer Paulus om zijn gemeenten gaf. Het tweede deel bevat praktische vermaningen over heilig leven, broederliefde en eerlijke arbeid. De bekendste passage gaat over de wederkomst van Christus en het lot van overleden gelovigen: "De Heere Zelf zal neerdalen uit de hemel... en de doden in Christus zullen eerst opstaan." Dit bracht troost aan de Thessalonicenzen die zich zorgen maakten over gemeenteleden die waren gestorven. De brief eindigt met de oproep: "Verblijdt u altijd. Bidt zonder ophouden. Dankt God in alles."

Verwante boeken

Hoofdstukken