Oude Testament

2 Kronieken

36 hoofdstukken

Wanneer Gods volk zich vernedert en bidt, hoort God hun gebed en herstelt hen.

Auteur

Ezra (traditionele toeschrijving)

Periode

Geschreven ca. 450-400 v.Chr., beschrijft de periode ca. 970-586 v.Chr.

Thema's

Salomo en de tempelbouwEredienst en hervormingKoningen van JudaGehoorzaamheid en zegenHoop na ballingschap

Samenvatting

Het tweede boek Kronieken beschrijft de geschiedenis van het koninkrijk Juda van Salomo tot de Babylonische ballingschap, met bijzondere aandacht voor de tempel en de eredienst. Het boek opent met de grootsheid van Salomo: zijn wijsheid, rijkdom en vooral de bouw en inwijding van de tempel in Jeruzalem. Gods belofte bij de tempelwijding (2 Kron. 7:14) is een van de bekendste verzen: "Als Mijn volk zich vernedert en bidt en Mijn aangezicht zoekt, dan zal Ik hun zonde vergeven en hun land genezen." Na de rijksscheuring volgt het boek alleen de koningen van Juda. De goede koningen -- Asa, Josafat, Hizkia en Josia -- worden geprezen om hun hervormingen en trouw aan God. De goddeloze koningen worden bekritiseerd om hun afgoderij. Een terugkerend thema is dat gehoorzaamheid aan God voorspoed brengt en ongehoorzaamheid rampspoed. Het boek eindigt met de verwoesting van de tempel in 586 v.Chr., maar sluit hoopvol af met het edict van Kores van Perzie, die de Joden toestaat terug te keren en de tempel te herbouwen. Dit vormt de brug naar de boeken Ezra en Nehemia.

Verwante boeken

Hoofdstukken