Nieuwe Testament
Judas
1 hoofdstuk
“Strijd voor het geloof dat eenmaal aan de heiligen is overgeleverd -- God is machtig u voor struikelen te bewaren.”
Auteur
Judas, broer van Jakobus (en halfbroer van Jezus)
Periode
Geschreven ca. 65-80 n.Chr.
Thema's
Samenvatting
De brief van Judas is geschreven door Judas, een broer van Jakobus en dus ook van Jezus. Het is een korte maar felle brief die waarschuwt tegen valse leraars die "ongemerkt zijn binnengeslopen" in de gemeente. Deze mensen misbruiken Gods genade als dekmantel voor losbandig gedrag en verwerpen gezag. Judas trekt parallellen met oudtestamentische voorbeelden van opstand en oordeel: de Israelieten in de woestijn die niet geloofden, de engelen die hun positie verlieten, en Sodom en Gomorra. Hij verwijst ook naar buitenbijbelse tradities: de strijd van de aartsengel Michael met de duivel over het lichaam van Mozes, en de profetie van Henoch over het komende oordeel. De valse leraars worden beschreven als "waterloze wolken die door de wind voorbijgedreven worden, als bomen in de nazomer zonder vrucht, tweemaal gestorven en ontworteld." Ondanks de felle toon eindigt de brief met een van de mooiste doxologieen (lofprijzingen) in de Bijbel: "Aan Hem nu Die machtig is u voor struikelen te bewaren en u smetteloos te stellen voor Zijn heerlijkheid, in grote vreugde, de enige God, onze Zaligmaker, zij heerlijkheid, majesteit, kracht en macht, voor alle eeuwigheid."