Jeremia 34 beschrijft hoe koning Zedekia en het volk van Juda tijdens Babylons beleg eerst hun Hebreeuwse slaven vrijlieten volgens Gods wet, maar later dit verbond verbraken door de slaven weer in bezit te nemen. God oordeelt deze verbondbreuk streng en kondigt vernietiging aan.
Lees de volledige tekst in de Statenvertaling, Herziene Statenvertaling, NBV21 of andere vertalingen.
Stel uw vragen aan de BijbelAssistent en krijg uitgebreide antwoorden met verwijzingen naar de grondtalen en commentaren.