Zondag 6: De Verlosser
Schriftbewijzen: Jeremia 23:6, Johannes 1:1
Vraag 16: Waarom moet Hij een waarachtig en rechtvaardig mens zijn?
Omdat de gerechtigheid Gods eiste, dat de menselijke natuur, die gezondigd had, voor de zonde betaalde, en een mens, zelf een zondaar zijnde, niet kon voor anderen betalen.
Schriftbewijzen: Romeinen 5:12, Romeinen 5:15, Jesaja 53:3-5, 1 Petrus 3:18, Hebreeen 7:26-27
Vraag 17: Waarom moet Hij tegelijk waarachtig God zijn?
Opdat Hij uit kracht Zijner Godheid den last van den toorn Gods aan Zijn mensheid zou kunnen dragen, en ons de gerechtigheid en het leven zou kunnen verwerven en wedergeven.
Schriftbewijzen: Jesaja 9:5, Jesaja 53:8, Handelingen 20:28, Psalmen 49:8, 1 Petrus 1:18
Vraag 18: Maar wie is die Middelaar, die tegelijk waarachtig God en een waarachtig rechtvaardig mens is?
Onze Heere Jezus Christus, die ons van God tot wijsheid, rechtvaardigheid, heiligmaking en tot een volkomen verlossing geschonken is.
Schriftbewijzen: 1 Korinthe 1:30, Mattheus 1:23, Lukas 2:11, 1 Timotheus 2:5, 1 Timotheus 3:16
Vraag 19: Waaruit weet gij dat?
Uit het heilig Evangelie, hetwelk God Zelf eerstelijk in het Paradijs heeft geopenbaard, en daarna door de heilige patriarchen en profeten laten verkondigen, en door de offeranden en andere ceremoniën der wet laten voorbeelden, en ten laatste door Zijn eniggeboren Zoon vervuld.
Schriftbewijzen: Genesis 3:15, Genesis 22:18, Genesis 49:10, Jesaja 53:1-12, Hebreeen 10:1-10, Romeinen 10:4