Oude Testament

Ezechiël

48 hoofdstukken

Gods heerlijkheid is niet gebonden aan een plaats -- Hij gaat mee in ballingschap en belooft nieuw leven voor dorre beenderen.

Auteur

Ezechiel, zoon van Buzi

Periode

Optreden ca. 593-571 v.Chr., in Babylonische ballingschap.

Thema's

Gods heerlijkheidOordeel en herstelSymbolische profetieHet dal van dorre doodsbeenderenDe nieuwe tempel

Samenvatting

Ezechiel was een priester die als balling in Babel werd geroepen tot profeet. Zijn boek is een van de meest visionaire en symbolische in de Bijbel, vol dramatische beelden en buitengewone ervaringen. Het opent met het beroemde visioen van de troon van God, gedragen door vier levende wezens met wielen vol ogen -- een overweldigend beeld van Gods heerlijkheid en almacht. Het eerste deel van het boek (hoofdstukken 1-24) bevat oordeelsprofetien over Juda en Jeruzalem. Ezechiel gebruikt symbolische handelingen om zijn boodschap over te brengen: hij ligt maandenlang op zijn zij, bakt brood op mest en scheert zijn hoofd. Het vertrek van Gods heerlijkheid uit de tempel (hoofdstuk 10) is een van de meest onthutsende scenes in de Bijbel. Na de val van Jeruzalem verandert de toon naar troost en herstel. Het visioen van het dal vol dorre doodsbeenderen die tot leven komen (hoofdstuk 37) is een krachtig beeld van nationale en geestelijke opstanding. De laatste negen hoofdstukken beschrijven een visioen van een nieuwe tempel en een hersteld land, waaruit een rivier van levend water stroomt. Ezechiel toont dat Gods heerlijkheid niet gebonden is aan een plek maar dat Hij met Zijn volk meegaat, zelfs in ballingschap.

Verwante boeken

Hoofdstukken