Nieuwe Testament

Mattheüs

28 hoofdstukken

Jezus is de beloofde Messias-Koning die het Koninkrijk der hemelen brengt en alle volken roept tot discipelschap.

Auteur

Mattheus (Levi), apostel en voormalig tollenaar

Periode

Geschreven ca. 50-70 n.Chr.

Thema's

Jezus als de beloofde MessiasHet Koninkrijk der hemelenVervulling van profetieDe BergredeDe Grote Opdracht

Samenvatting

Het evangelie naar Mattheus is het eerste boek van het Nieuwe Testament en vormt de brug tussen het Oude en het Nieuwe Verbond. Mattheus, een voormalige tollenaar die discipel van Jezus werd, schreef vooral voor een joods publiek en benadrukt voortdurend dat Jezus de beloofde Messias is die de oudtestamentische profetien vervult. Het boek opent met een geslachtsregister dat Jezus verbindt met Abraham en David, gevolgd door het geboorteverhaal met de wijzen uit het Oosten. De vijf grote redevoeringen van Jezus vormen het hart van het evangelie: de Bergrede (hoofdstukken 5-7) met de Zaligsprekingen en het Onze Vader, de uitzendingsrede, de gelijkenissenrede, de rede over de gemeente en de rede over de eindtijd. Mattheus beschrijft Jezus' wonderen, Zijn conflicten met de religieuze leiders, de belijdenis van Petrus, de verheerlijking op de berg, en de reis naar Jeruzalem die uitmondt in het lijden, de kruisiging en de opstanding. Het boek eindigt met de Grote Opdracht: "Mij is gegeven alle macht in hemel en op aarde. Ga dan heen, maak al de volken tot Mijn discipelen." Mattheus presenteert Jezus als de Koning van het Koninkrijk der hemelen.

Verwante boeken

Hoofdstukken