Psalm 121
1 Een lied Hammaaloth. Ik hef mijn ogen op naar de bergen, van waar mijn hulp komen zal.
2 Mijn hulp is van den HEERE, Die hemel en aarde gemaakt heeft.
3 Hij zal uw voet niet laten wankelen; uw Bewaarder zal niet sluimeren.
4 Ziet, de Bewaarder Israels zal niet sluimeren, noch slapen.
5 De HEERE is uw Bewaarder, de HEERE is uw Schaduw, aan uw rechterhand.
6 De zon zal u des daags niet steken, noch de maan des nachts.
7 De HEERE zal u bewaren van alle kwaad; uw ziel zal Hij bewaren.
8 De HEERE zal uw uitgang en uw ingang bewaren, van nu aan tot in der eeuwigheid.
Psalm 121
Samenvatting
Psalm 121 is een pelgrimslied dat Gods constante bescherming en hoede benadrukt. De psalm begint met de vraag vanwaar hulp komt en antwoordt dat deze van de HEERE komt, die als een wakende Hoeder dag en nacht over zijn volk waakt. Het eindigt met de belofte van eeuwige bescherming in alle levensomstandigheden.
Lees de volledige uitleg →Verdiep u in Psalm 121
Uitleg bij Psalm 121
Lees de betekenis, context en toepassing van dit hoofdstuk.
Kruisverwijzingen Psalm 121
Ontdek parallelle teksten en verbanden met andere bijbelgedeelten.
Woordstudie
Bestudeer Hebreeuwse en Griekse grondwoorden uit dit hoofdstuk.
Bijbelvertalingen vergelijken
Vergelijk Psalm 121 in meerdere vertalingen.
Stel vragen over dit hoofdstuk
Gebruik de AI-assistent voor uitleg bij Psalm 121.
Verzen memoriseren
Leer bijbelverzen uit Psalm 121 uit het hoofd.